" Mevrouw de voorzitter. Om te beginnen mijn oprechte dank aan u persoonlijk omdat u op mijn verjaardag vandaag een debat over de islam heeft gepland. Een mooier cadeau had ik mij niet kunnen wensen! Ongeveer 1400 jaar geleden is ons de oorlog verklaard door een ideologie van haat en geweld die toen ontstond en werd verkondigd door een barbaar die zichzelf profeet Mohammed noemde. Ik heb het over de islam. Laat ik beginnen met het fundament van de islam: de Koran. De plicht voor alle moslims om strijd te leveren tegen niet-moslims vormt het kernthema van de Koran, door mij eerder de islamitische Mein Kampf genoemd. Met strijd wordt bedoeld: oorlog, jihad. De Koran is vooral een krijgsboek waarin opgeroepen wordt om niet-moslims af te slachten, te braden en om bloedbaden onder hen aan te richten. Joden worden vergeleken met apen en zwijnen. Mensen die geloven dat Jezus Christus de zoon van God is, moeten volgens de Koran bestreden worden (Soera 9, vers 30). Het Westen kent geen problemen met het joden- en christendom, maar wel met de islam. Moslims kunnen de teksten in de Koran die eeuwig gelden voor alle moslims, ook vandaag de dag nog beschouwen als een ’’license to kill’’ en helaas gebeurt dit ook. De inhoud van de Koran is zo geformuleerd dat de bevelen gericht zijn aan moslims van alle tijden, dus ook aan de moslims van nu. In tegenstelling tot teksten in bijvoorbeeld de Bijbel die juist zijn geformuleerd als historische verhalen waarbij de gebeurtenissen in een ver verleden in een context worden geplaatst, is dit bij de Koran niet het geval. Het waren dan ook moslims en geen joden of christenen die de catastrofale terroristische aanslagen in New York, Madrid en Londen pleegden en niet voor niets werd Theo van Gogh door de moslim Mohammed Bouyeri op beestachtige wijze afgeslacht. Ik doe dat niet, maar heel veel mensen doen dit wel en niet alleen de Osama’s bin Laden van deze wereld. Ik weet niet waar de heer Dijsselbloem de afgelopen tien of twintig jaar is geweest, maar als hij om zich heen kijkt in Nederland en buiten Nederland dan zal hij zien dat of het nu gaat over Madrid, Londen, de Filippijnen, Bali of de moord in Amsterdam, er vandaag de dag nog steeds moslims zijn die de teksten van de Koran letterlijk nemen en dat ook moeten doen en daardoor de meest verschrikkelijke dingen doen. Omdat de Koran een extremis- tisch boek is en omdat het een extremistisch boek is, moet het worden verboden. De heer Dijsselbloem heeft gelijk: dit betekent natuurlijk niet dat alle moslims extremistisch zijn. Ik maak ook een onderscheid tussen het geloof en de mensen. Ook de Partij voor de Vrijheid heeft geen probleem met moslims die zich houden aan de wet en aan onze Nederlandse rechtsstaat, maar helaas is dit niet het hele verhaal, want de islam, de Koran, de hadith deugen niet en zijn intrinsiek geweld- dadig. Ik maak onderscheid tussen de mens en het geloof, maar gematigde moslims bestaan niet. Dat zeg ik niet, maar dat zegt de Koran. Ik zal dadelijk uitleggen waarom de Koran vindt dat er geen gematigde moslims bestaan. Dat is niet opmerkelijk. Het betekent dat de Koran helaas intrinsiek gewelddadig is en niet deugt. Dat is het probleem met het hele boek de Koran en dat is het probleem met iedereen die dat letterlijk neemt. Ik kom echter dadelijk te spreken over waarom er volgens de Koran geen gematigde moslims bestaan. Als de heer Dijsselbloem daar problemen mee heeft, dan moet hij mij niet aankijken, maar dan moet hij de profeet Mohammed die dat heeft opgeschreven daarop aanspreken, hoewel dat helaas niet meer kan. Ik doelde natuurlijk op het ontstaan van de islam in de zevende eeuw. Daarmee is een ideologie ontstaan – de islam is meer een ideologie dan een religie en op zijn minst is de islam beide – die tegengesteld is aan alles waar wij in het Westen voor staan. Nederland gaat almaar door met het tolereren van en de andere kant opkijken bij deze oorlog die ook in Nederland wordt gevoerd – zonder geweld – door toe te staan dat de grote immigratiegolf en de islamisering van Nederland met de dag doorzet. Het is een religie, een ideologie, die ons wezensvreemd is. Deze is toentertijd ontstaan. Dat bedoel ik met de stelling dat de Westerse beschaving in feite op dat moment de oorlog is verklaard. Natuurlijk mogen alle middelen die binnen de democratische rechtsstaat geoorloofd zijn, gebruikt worden. Daarvoor sta ik hier. Ik ben een parlementariër. Ik ben gekozen; er hebben heel veel mensen op mij gestemd. Ik vecht nu voor het verbieden van de Koran in politieke termen. Helaas is het in het verleden anders geweest. Ook daar kom ik nog over te spreken. Eeuwen geleden was die oorlog wel geweldda- dig; deze is van Poitiers tot Wenen gestuit. Het verleden toont aan dat de islamitische invasie eerder heeft plaatsgevonden, met geweld, niet van onze kant – om in die termen te spreken – maar van islamitische kant. Die invasie is toen gestuit. Er is absoluut sprake van een oorlog. Cultuurrelativisten bagatelliseren de problemen, zoals u, mevrouw Halsema. In het verkiezingsprogramma van GroenLinks stond dat er geen Nederlandse cultuur bestaat; zo ken ik er nog wel een paar. Met die houding kunnen wij inderdaad beter maar meteen capituleren en is er geen oorlog nodig. Helaas is het tegendeel het geval. Er is wel degelijk een oorlog gaande. Laten wij blij zijn dat het vandaag de dag hier in Nederland geen gewelddadige oorlog is. Dat moet wat mij betreft ook zo blijven. Er zijn zeker gematigde mensen die zichzelf moslim noemen, mensen die onze wetten respecteren. Tegen die mensen heeft de PVV helemaal niets, maar de Koran heeft dat wel. De Koran zegt namelijk – dat is geen kwestie van interpretatie, want het staat er gewoon letterlijk in – in soera 2, vers 85, dat gelovigen die een deel van de Koran niet geloven, en een ander deel misschien wel, vernederd zullen worden en de hevigste bestraffing zullen krijgen. Met andere woorden: zij zullen braden in het hellevuur. Dat is namelijk de straf die er meestal op staat. Mensen die zeggen dat zij moslim zijn en niet in soera 9, vers 30, geloven dat zegt dat joden en christenen moeten worden bestreden of niet geloven in soera 5, vers 38, waarin staat dat je de hand van een dief moet afhakken, zullen dus worden vernederd en gebraden. Dat verzin ik niet, dat staat letterlijk in de Koran. Volgens de Koran zijn moslims die slechts een deel van de Koran geloven in feite afvalligen en wij weten wat er volgens de Koran met afvalligen moet worden gedaan: zij moeten worden gedood. Het is nog veel erger. Ik zeg dat namelijk niet, de Koran zegt dat. Het is ook geen kwestie van interpretatie, want ik citeer letterlijk wat in de Koran staat. Er is ook geen nieuwe versie van de Koran zoals wij het Nieuwe Testament kennen na het Oude Testa- ment. Die bestaat helemaal niet. Het is één boek. Het is een nieuwere versie van het testament. En ik zal u één ding zeggen: dat bestaat dus niet in het islamitische geloof. Er is maar één Koran: het woord van God, letterlijk opgeschreven. De Koran zegt, zonder interpretatie, dat mensen die maar een deel van de Koran geloven niet-gelovigen zijn. Er staat dat zij zullen braden in het hellevuur en als ongelovigen zullen worden behandeld. U moet mij er dus niet op aanspre- ken, u moet de Koran erop aanspreken. Ik wil nog even op het eerste deel van uw vraag ingaan. Als ik een voorstel doe in het land – het is wel zo netjes om dat ook in de Tweede Kamer te doen – over het verbieden van de Koran, zou het erg verkeerd zijn als ik dan geen voorbeelden uit de Koran zou noemen. Die versterken mijn betoog overigens alleen maar. Helaas ben ik het niet die dat doet. Kijkt u toch eens om u heen naar hoe er vandaag de dag met afvalligen wordt omgegaan. Kijkt u naar wat er in Iran gebeurt: zij worden opgehangen. Dat gebeurt anno 2007. Dat zijn niet alleen oude teksten. Kijk hoe er vandaag de dag wordt omgegaan met uw partijgenoot de heer Jami. Waar bent u, PvdA? Ik heb geen boek of wat dan ook nodig om te weten dat wij achter hem moeten staan. U laat hem vallen als een baksteen. Dat zijn geen oude teksten, dat is de praktijk van vandaag. Het zou u sieren als u, in plaats van mij de maat te nemen, eens zou kijken naar uw eigen partij en achter een partijgenoot zou gaan staan die vanwege die afvalligheid, waar de doodstraf op staat en waar vandaag mensen voor worden vermoord in islamitische landen, wordt bedreigd. Dat is niet het geval, maar het is in elk geval beter dan om aan de kant van de lafaards te staan, mijnheer Dijsselbloem. Het is toch een schande hoe de PvdA met haar partijgenoot Jami omgaat en een technische zin als argument gebruikt om een ondersteuningsverklaring niet te hoeven ondertekenen. Hoe laf kan je zijn, PvdA? Het gaat om een partijgenoot die in de problemen zit? U laat hem vallen als een baksteen. Nee, mevrouw de voorzitter, nogmaals, ik zeg dat niet, maar dat zegt de Koran, de islam, dus niet Geert Wilders. De Koran en de islam zeggen dus: je bent alleen gelovige, als je alles gelooft volgens de letter die in de Koran staat. Wat ik hoop, is het volgende. Daarvoor dient het voorstel van mijn fractie om de Koran te verbieden. Ik hoop dus dat het boek de Koran – hoe zeg ik het netjes – in de prullenbak gemieterd wordt en dat men vervolgens met een nieuw boek komt. Ik weet niet hoe men het doet. Ik wens in ieder geval dat die verschrikkelijk haatdragende en tot moord aanzettende passages verdwijnen. Als er een dergelijk boek komt zonder die verschikkelijke passages, zijn wij een stuk verder, zeker verder dan wat u doet. U geeft namelijk uw eigen interpretatie van de Koran. Bovendien laat u mensen die op grond van de Koran in de problemen komen, als een baksteen vallen. Dat is laf. Wat het laatste betreft, zie ik het verband niet zo. Ik had u niet gevraagd om het toe te lichten. Ik zei alleen dat het weer onbegrijpelijk was. De eerste vraag was waarom het boek verboden moet worden en hoe dat zich verhoudt tot de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van godsdienst, zo voeg ik er zelf aan toe. Ik denk dat juist het verbieden van de Koran niet alleen de democratische rechtsstaat, waarvan de begrippen onderdeel uitmaken, maar ook de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van godsdienst juist versterkt. De Koran is een boek dat zegt dat je juist niet anders mag geloven. Als je anders wilt geloven of anders wilt zeggen, ben je een afvallige en dan moet je worden vermoord, geslacht, gebraden en noem maar op. Letterlijk of niet, het staat toch echt in de Koran. Het gaat om een godsdienst die evenmin toestaat dat mensen vrij zijn om te geloven wat zij willen. Het staat niet letterlijk in de Koran, maar er wordt wel op gezinspeeld. De sharia zegt echter wel, welke richting, welke van de vier stromingen van de sharia je ook kiest, dat afvalligen vermoord moeten worden. Daarover bestaat unanimiteit bij de rechtsgeleerden van de islam: op afvalligheid staat in de sharia de doodstraf. Welnu, als je de Koran en de daaruit voortvloeiende sharia – die ik ook niet wil – die niet toestaat dat mensen vrij zijn om van geloof te veranderen of van een geloof af te stappen, verbiedt, vergroot je de godsdienstvrijheid en de vrijheid om zelf te bepalen wat je doet. De veroorzaker die dat verbiedt en die ervoor zorgt dat mensen vermoord moeten worden, haal je op die manier weg. Mijn stelling is dus dat het verbieden van de Koran ertoe leidt dat de vrijheid van godsdienst juist versterkt wordt en niet verzwakt wordt. Zij klopt wel. De vergelijking gaat totaal, maar dan ook totaal mank. Mijn eerdere voorstel om met scherp op voetbalsupporters te schieten deed ik omdat de openbare orde in het geding was. Politieagenten kwamen zelf in het gedrang en suppoosten werden in elkaar geramd. Er werd dus een actieve daad tegen de openbare orde, de veiligheid en de lichamelijke integriteit gepleegd van mensen die de taak hadden, het stadion te beschermen. Het was mooi geweest als u dat erbij verteld had. Op dat moment kies je voor het schieten met scherp om ervoor te zorgen dat je zelf als suppoost of een vader met kinderen die beschermd moeten worden, niet in de problemen komt. Dat is in mijn ogen een vorm van noodweer tegen exces. Dat is iets totaal anders dan een overheid die vandaag de dag inderdaad nog dieven volgens de sharia op een barbaarse manier handen afhakt of vrouwen en mannen die overspel plegen – dat is in veel islamitische landen ook nog strafbaar – stenigt. U kunt toch niet menen dat u daar enig verband tussen ziet? Daar zijn wij het dan niet over eens. Dat doe ik omdat de problemen met de islam tot hier zitten. Ben ik nu gek of is de rest dat? Verder doe ik het omdat artikel 6 van de Grondwet net zoals zo veel grondrechten niet absoluut is geformu- leerd. Ook in artikel 6 van de Grondwet staat dat er godsdienstvrijheid is behoudens ieders verantwoordelijk- heid voor de wet. Dat betekent dat die dus niet ongelimi- teerd is. Kijkt u eens wat mensen met de Koran en niet met de Bijbel in de hand de afgelopen jaren wereldwijd, maar ook in Nederland hebben gedaan. Dat zijn de meest verschrikkelijke dingen. Als dat boek oproept en aanzet tot haat en opruiende teksten bevat, dan valt het volgens mij binnen ons Wetboek van Strafrecht en binnen de beperking van artikel 6 van de Grondwet. Dan is het zeer legitiem, sterker, dan versterkt het de vrijheid van godsdienst als wij de Koran verbieden. Ik vind dat wij wakker moeten worden en niet moeten blijven dutten. Wij moeten eindelijk eens optreden tegen alle ellende die de islam en de Koran veroorzaken in ons land. Wij moeten een daad stellen in plaats van te wachten tot het te laat is doordat er weer ellendige gebeurtenissen voorvallen waarvan mensen heel veel last krijgen. Wij praten al te veel in dit land. De multiculturalisten en de cultuurrelativisten hebben het al veel te lang voor het zeggen. Laten wij eindelijk eens iets doen. Het verbieden van de Koran is een prachtige eerste stap. Ik hoop dat de heer Slob mij daarin steunt, al verwacht ik dat niet direct. Voor sommigen zou het niet verkeerd zijn om ook hun hoofd eens leeg te maken, dat ben ik met u eens. Een verbod zou in eerste instantie betekenen dat het boek niet meer mag worden verkocht en dat men het ook niet in zijn bezit mag hebben. Ik heb eerder de vergelijking gemaakt met Mein Kampf. Het zou voor wetenschappelijke doeleinden nog kunnen worden bestudeerd, om later nog eens te zien hoe goed de keuze was om dit boek in 2007 te verbieden. Ik ben het met de heer De Wit eens dat wij daarmee niet alles kunnen verbieden. Ik ben volksvertegenwoordiger en voorzitter van een fractie in het Nederlandse parlement. Ik ga dus ook niet over wetten in andere landen. Sluitend zal het verbod niet zijn omdat men het boek in andere landen kan kopen of het via internet kan verkrijgen. Het is echter beter dan niets doen. Wat zou ik trots zijn als de Nederlandse Tweede Kamer een keer zei niet af te wachten maar ervoor te zorgen dat die zieke ideologie, die foute godsdienst islam en het boek Koran dat oproept tot verschrikkingen tegenover mensen – christenen, joden, ongelovigen, vrouwen – niet meer in de hoofden van de mensen komt en ook niet meer in de moskee wordt voorgelezen door een imam die zegt dat het ook nog het ware woord van God is. Als wij dat zouden voorkomen, zou Nederland er veel beter uitzien. Laten wij dat gewoon doen, mijnheer De Wit! Er zijn honderden passages in alle soera’s waarin verschrikkelijke zaken staan. Ik heb wel eens gekscherend gezegd dat de Koran zonder gewelddadige en haatzaaiende passages een boekje zou zijn zo dik als de Donald Duck. Er blijft niets van over. De meeste passages zijn helaas juist gewelddadig. U kunt geen bladzijde openslaan of er moet wel iemand gebraden of vermoord worden. Dat moeten wij niet hebben in dit land. Waarom is het nu zo moeilijk om u daarvan te overtuigen? Dat moeten mensen niet in hun hoofd krijgen, ook niet thuis, ook niet in de moskee. Wij gaan netjes met elkaar om. Mensen die dat doen, zijn welkom in Nederland, mensen die dat niet doen niet. De Koran hoort daar niet bij. Zo simpel is het. Heel veel. En ook 1000 keer meer dan alle subsidieplannetjes die de Partij van de Arbeid en minister Vogelaar of een andere minister – ik weet niet hoe ze allemaal heten – naar buiten brengen. Wat doen wij als wij de Koran verbieden? Dan geven wij een signaal aan alle mensen die zichzelf moslim noemen, dat wij dit in Nederland niet pikken. Er staat in de Koran hoe wij een vrouw moeten behandelen, hoe wij een homoseksueel moeten behandelen, hoe wij een afvallige moeten doden, welke straffen hij in het hiernamaals krijgt, maar ook vandaag de dag, nu. Er staat een oproep om dat te doen. Veel mensen hebben inderdaad tegen mij, ook in het verleden, gezegd dat al die Marokkaanse jongeren in Amsterdam dat toch niet doen met de Koran in de hand. Ik zeg u, mijnheer Dijsselbloem: het is geen toeval dat al die Marokkaanse jongeren, tuig – dat is het gewoon; dat bent u toch met mij eens – die keer op keer opnieuw het land verzieken, homo’s in elkaar slaan... Die doen dat weliswaar niet met de Koran in de hand, maar zij komen wel uit een cultuur waarin het wordt gedoogd, waarin het wordt geleerd. Zij komen uit een cultuur waarin dat boek in de kast staat en waarin over dat boek wordt gesproken, op vrijdag in de moskee. Het maakt er onderdeel van uit. Misschien komen zij niet in de moskee, maar hun vader komt er wel. Zij horen thuis wat de rol van vrouwen is. Zij horen thuis dat homoseksuelen niet deugen. Dan gaan zij de straat op, niet met de Koran in de hand, en dan rammen zij die homo’s in elkaar. Het is verschrikkelijk, het is afschuwelijk. Als zo’n verbod van de Koran ertoe kan bijdragen dat ook de imam dat niet meer kan verkopen, dat ook de vader dat boek niet meer in de kast kan hebben en tegen zijn zoon zegt dat zij in een land zijn dat dit niet pikt en als daardoor één homoseksueel minder in elkaar wordt geslagen, als daardoor één afvallige als de heer Jami minder in elkaar wordt geslagen, drink ik met u een glas champagne. Mijnheer Dijsselbloem, wij kunnen ook helemaal niets doen. Wij kunnen ook gewoon op onze stoel blijven zitten, ondersteunings- verklaringen niet tekenen, de heer Jami laten vallen als een baksteen en dat comité afdoen als een stelletje mensen die alleen maar vervelende dingen zeggen over de profeet Mohammed, wat niet mag. Ik zal u één ding zeggen: als wij niets doen, helpt niets. Mijn voorstel van het verbieden van de Koran zal gigantische effecten hebben op de gehele moslimgemeenschap in Nederland en zal ook het effect hebben dat men gaat nadenken of men wel moet doen wat in de Koran staat. Men heeft dan het boek niet meer, er wordt niet meer uit voorgele- zen en er is niemand meer die kan zeggen dat het goed is om homo’s in elkaar te slaan. Wij hebben hier een jaar geleden, toen ik nog bij die andere partij was, een spoeddebat aangevraagd over een moskee in Amsterdam, de Al-Tawheed moskee, waarin een imam een boek verkocht waarin ook geciteerd werd uit de Koran en waarin stond, wat hij predikte als de goede weg: gooi homo’s met hun hoofd van het hoogste dak naar beneden. Ik heb het boek toen gelezen. Ik heb het debat toen aangevraagd. Het was een boek dat alleen maar citeerde uit de Koran. Die mensen vonden hun legitimatie in de Koran. Wij hebben hier een debat gevoerd. U deed eraan mee. Als u a zegt, moet u ook b zeggen. Willen wij dit voorkomen, dan moeten wij de bron van de ellende – en dat is de Koran – durven verbieden. Het is gewaagd, het is moeilijk, maar wij zitten hier niet om lafaards te zijn. Voorzitter. Ik zei het al: er bestaat geen gematigde islam. Wat ik doe, is binnen de Grondwet. Artikel 6, lid 1, van de Grondwet is niet onbeperkt, gelet op het gestelde aan het eind: ’’behou- dens ieders verantwoordelijkheid voor de wet’’. Ik heb de artikelen 137e en 132 van het Wetboek van Strafrecht al genoemd. Daarin staat dat bepaalde uitingen strafbaar kunnen worden gesteld. Mocht wat ik doe niet binnen de Grondwet vallen, wat ik betwijfel, dan zijn wij de enigen die de Grondwet kunnen veranderen. Als de Grondwet- gever niet mag voorstellen om de Grondwet te verande- ren, dan is de Grondwet statisch, maar dat is die gelukkig niet. De Koran is een opruiend boek. Het verspreiden van een opruiend boek is op grond van artikel 132 van ons Wetboek van Strafrecht verboden. Daarnaast zet de Koran aan tot haat en roept het op tot moord en doodslag. Verspreiding van dergelijke teksten is op grond van artikel 137e van het Wetboek van Strafrecht strafbaar gesteld. De Koran is levensgevaarlijk en volledig in strijd met onze rechtsorde en democratische rechtsstaat. Het zal de rechtsstaat, de vrijheid van godsdienst en onze Westerse beschaving alleen maar versterken als wij de Koran verbieden. Als het kabinet dit idee van mij niet overneemt, zal ik in tweede termijn een motie indienen. Dan kan de Kamer zich daarover uitspreken. Er bestaat geen gematigde islam. Zoals de Turkse premier Erdogan onlangs letterlijk zei: ’’There is no moderate or immoderate islam. Islam is islam en that’s it.’’ De islam is uit op dominantie. De islam wil haar imperialistische agenda met geweld afdwingen. Dat blijkt ook uit de geschiedenis. Voor de mensen die niet geloven wat er in het verleden is gebeurd, wijs ik op het volgende. De eerste islamitische invasie van Europa werd in het jaar 732 bij Poitiers gestuit. De tweede werd in 1683 bij Wenen gestopt. Laten wij ervoor zorgen dat de derde islamitische invasie die nu volop gaande is, tot stilstand wordt gebracht. Deze is sluipend en niet gewelddadig, in tegenstelling tot die in de achtste en de zeventiende eeuw, zonder islamitisch leger, maar dat komt omdat de bange dimmies uit het Westen – ik zie er hier heel veel, ook in de Nederlandse politiek – de deur voor de islam en de moslims wagenwijd openzetten. Naast verovering is de islam ook uit op het instellen van een totaal andere maatschappelijke orde en rechtssysteem, de sharia. Daarmee is de islam behalve een religie voor vele honderden miljoenen moslims eigenlijk ook een politieke ideologie. Die gaat over een politieke rechtsstaat, maar ook over normen. Het is een ideologie die geen respect heeft voor andersdenkenden en geen respect heeft voor ongelovigen, voor afvalligen. De islam wil overheersen, onderwerpen, doden en oorlog voeren. Die toenemende islamisering moet naar de mening van de Partij voor de Vrijheid worden gestopt. De islam is het paard van Troje in Europa. Als wij de islamisering niet stoppen, zijn Eurabië en Nederrabië slechts een kwestie van tijd. Een eeuw geleden woonden er in Nederland ongeveer 50 moslims, vandaag de dag ongeveer een miljoen. Waar gaat dat heen? Wij stevenen af op het einde van de Europese en Nederlandse samenleving zoals wij die nu nog kennen, maar de minister-president antwoordde deze week op mijn Kamervragen doodleuk dat er van islamisering in Nederland geen sprake kan zijn. Dat is een nu al historische vergissing. Geen sprake van islamisering? Heel veel Nederlanders, mijnheer de minister-president, zien de islamisering van Nederland iedere dag. Heel veel mensen hebben daar genoeg van. Zij hebben genoeg van die hoofddoekjes, van die boerka’s, van dat ritueel slachten van dieren, van eerwraak, van schallende minaretten en krijsende imams, van vrouwenbesnijdenis, van maagdenvlieshersteloperaties, van de mishandeling van homo’s, van het Turks en Arabisch in de bus en de trein en de folders op het gemeentehuis, van dat hallalvlees bij Albert Heijn en van El HEMA, van de shariatestamenten en de shariahypotheken van Wouter Bos en van de enorme oververtegenwoordiging van moslims in de misdaad, zoals de Marokkaanse straat- terroristen. Maar er is gelukkig ook nog hoop. De meerderheid van de Nederlanders is namelijk doordron- gen van het feit dat de islam een gevaar is. De meerder- heid van de Nederlanders, zo blijkt uit een opinieonder- zoek, ziet de islam als een bedreiging van onze cultuur. Wij nemen die mensen uiterst serieus, want veel Nederlanders zijn het spuugzat en hunkeren naar actie. Maar de Haagse politiek doet helemaal niets, tegenge- houden door angst, of door – zeg ik tegen de heer Pechtold – verkeerde ideeën, of door politieke correct- heid, of door simpelweg electorale motieven, bang om moslimkiezers kwijt te raken, zoals bij de Partij van de Arbeid ongetwijfeld het geval is. De minister-president zei ongeveer een jaar geleden in Indonesië dat de islam geen gevaar is. De meerderheid van de bevolking, de meerderheid van het CDA, de kiezer dus, denkt daar anders over. Minister Donner zei eerder dat hij de invoering van een sharia in Nederland zich kon voorstel- len, als de meerderheid dat maar zou willen. Minister Vogelaar kwekt dat Nederland in de toekomst een joods-christelijk-islamitische traditie zal kennen, en dat zij de islam wil helpen te wortelen in de Nederlandse samenleving. Zij toont daarmee wat mij betreft aan dat zij knettergek is geworden. Zij toont daarmee aan dat zij de Nederlandse cultuur verraadt. Zij toont daarmee aan dat zij niet begrijpt dat veel Nederlanders de islamisering en de islamitische traditie niet willen. Ik vind dat verschrikkelijk, en ik vraag haar dan ook om die woorden terug te nemen. Ik vraag haar, zich te verzetten tegen de islamisering en terug te nemen dat Nederland, al is het over een aantal eeuwen, ook een islamitische traditie kent. Als zij dat niet doet – dat is haar goede recht – zullen wij het vertrouwen in haar moeten opzeggen. Nou ja, respect! Ik zit hier in de Kamer om ministers te beoordelen. Als ik het niet eens ben met hun beleid, heb ik volgens mij het democrati- sche recht om een motie van wantrouwen in te dienen tegen een minister die een kant op wil met Nederland, namelijk over een aantal eeuwen een joods-christelijke en islamitische traditie, die ik niet op wil. Dat heeft niets te maken met respect. Oké, ik vind dat ze knettergek is geworden. Dat vind ik eerder erg voor haar, dan zonder respect. Als er mensen zijn die de islam wegstoppen, die zeggen dat dit niet hun islam is, dat zij zo niet omgaan met ongelovigen, andersdenkenden, homofielen en weet ik maar wat, die deze mensen niet willen doden, of met het hoofd omlaag naar beneden gooien, en zich wel houden aan de regels van de democratische rechtsstaat, dan heb ik daar zeker respect voor. Ik heb daar meer respect voor dan de Koran, die zegt: hé, u doet niet alles wat hier staat, u bent een ongelovige, braden! Dat is dan heel jammer. Ik zei al... Die kun je verraden door een cultuur, een ideologie, een religie die daar zo ongeveer haaks op staat, namelijk de islam, toe te voegen aan de cultuur die je al hebt: een cultuur die uitgaat van het niet vermoorden van homofielen, een cultuur waarin je van je geloof mag afstappen. Dat mag in het christendom en het jodendom, dat mag in de Nederlandse cultuur. In de Nederlandse cultuur mag je het humanisme, iets anders of niets aanhangen. Het is een cultuur die ongelovigen niet wil doden, een cultuur die mannen en vrouwen gelijk behandelt, het is een cultuur die de scheiding van kerk en staat ziet zitten. Een totaal andere cultuur die daar haaks op staat, die moeten wij niet hebben. Mevrouw Vogelaar ziet dat wel zitten. Sterker, zij wil de islam zelfs wel ’’helpen wortelen’’ in de Nederlandse samenleving, zodat wij over een aantal jaren kunnen spreken van een christelijk-joodse-islamitische cultuur. Dat is niet mijn Nederland. Niet alleen tot totale verwarring, maar tot totale chaos. Zij hoort er totaal niet in thuis. Ik kan wel verder teruggaan dan die 150 jaar. Je kunt inderdaad de verlichting en de reformatie die wij hebben doorgemaakt noemen, maar bij de islam ontbreekt die tot op de dag van vandaag. En als die al voorkomt, maar ik geloof daar niet in, dan duurt dat drieduizend jaar. Ik wil daar niet op wachten. De normen en waarden van de islamitische cultuur horen niet in Nederland thuis, voor zover deze zijn gebaseerd op dat verschrikkelijke boek de Koran, waar allemaal die verschrikkelijke dingen in staan wat wij met die mensen moeten doen. Ik zal het niet herhalen. Ik heb dat al gedaan, dat doe ik niet nog een keer. Ik heb al drie keer antwoord gegeven, maar laat ik nog één extra verschil aangeven tussen de manier waarop ’’wij’’ het hebben gedaan en de manier waarop de islam het wil. Het verschil is het gebruik van geweld. Het verschil is het willen doden, het willen slaan en vernederen van vrouwen. Dat is een manier die heel ver van ons af staat, wat wij ook in de meest barre en boze tijden in het verleden hebben gedaan. Mensen worden daartoe opgeroepen, dat was in het verleden en dat is in het heden zo en zolang die ellendige Koran nog bestaat, zal dat ook in de toekomst zo zijn. Ik werk niet splijtend. Ik zeg gewoon de waarheid. Als ik vind dat hier veel lafaards zitten omdat zij het niet aandurven, als ik vanwege een inhoudelijke voorstel vind dat een minister knettergek is geworden, dan zeg ik dat gewoon. Dat heeft niks met splijten te maken. Zeiden maar meer mensen wat zij op hun hart hadden. Zeiden maar meer mensen dat zij het spuugzat zijn dat het kabinet iedere keer de andere kant op kijkt als zich problemen voordoen met moslims en de islam. Zeiden maar meer mensen dat de grenzen eindelijk een keer dicht moeten omdat het immigratie- beleid er al sinds de jaren zestig voor zorgt dat Neder- land Nederland niet meer blijft. Zeiden maar meer mensen dat! Ik sta hier toch? Dat heeft met iets heel anders te maken. Zij wilden met mij in gesprek. Ik weet niet of u het persbericht van die organisaties hebt gelezen. Het is misschien leuk om dat nog even te vertellen. Daarin nodigden zij mij niet uit voor een gesprek, maar er stond: blijkbaar kan de heer Wilders de Koran niet goed lezen, wij nodigen hem uit om de Koran samen te lezen en goed uit te leggen. Dat stond in het persbericht. Dat is geen gesprek. Dat is voor mevrouw Halsema misschien nuttig, maar niet voor mij. Bedankt voor dit mooie compliment. Traditie of geen traditie, de minister is in mijn ogen, doordat zij praat over een toekomstige christelijke, joodse en islamitische traditie knettergek geworden. Ik ga het niet terugnemen, ik ga het nog herhalen. Als ik erom word gevraagd, noem ik het, zo simpel is het. Ik hoop dat ik hier het geluid vertolk, en dat weet ik eigenlijk wel zeker, van heel veel Nederlanders, die vinden dat het genoeg is met de islam in Nederland, die vinden dat wij genoeg problemen hebben met moslims in Nederland, die vinden dat het niet onder het tapijt moet worden geschoven en dat je bijna voor racist wordt uitgemaakt, als je daar wat over durft te zeggen. Mijnheer De Wit, die mensen zijn geen racisten, het zijn nette, keurige mensen, die problemen hebben, dat zij in elkaar worden geslagen op straat, dat zij zien dat hun land hun land niet meer is, dat hun wijk hun wijk niet meer is, dat hun straat hun straat niet meer is. Ik ben er trots op om dat geluid en de ergernis van die mensen hier te mogen vertolken. De bedoeling is dat mensen na gaan denken en dat ook moslims na gaan denken. Verdorie, wat is dat met die Koran? Klopt dat inderdaad? Wat staat erin? Wat wordt er gezegd? Hoe gaan wij daarmee om? Het heeft zeker effect als u en anderen mijn voorstel zouden steunen om de Koran te verbieden en te zeggen dat er allerlei verschrikkelijke dingen in staan. Ik weet zeker dat de heer De Wit die ook afschu- welijk vindt. Dat moet gewoon niet meer bespreekbaar zijn als het woord van God en als iets wat men dus moet gaan doen; oproepen tot moord, aanzetten tot haat. Als je daarvoor strijd en daarvoor je best doet, kan dat toch alleen maar een positief effect hebben? Mocht dat niet zo zijn, dan toont dat eens te meer aan hoezeer sommige mensen daar niet deugen. Voorzitter. Ik heb een fantastische toon, dus ik ga daar niets aan veranderen. Moet ik nu al afronden? Er staat acht seconden. Dat kan toch niet waar zijn! Er staat nu ’’pauze’’ voor. Bij mij staat nog steeds ’’pauze’’en ’’acht seconden’’. Het spijt me. Ja, nu staat de klok op zeven seconden. Goed. Voorzitter. Ik rond af. Ik kan een heleboel dingen niet meer zeggen, maar die zijn eigenlijk allemaal wel naar aanleiding van interrupties naar voren gekomen. Ik ben het dus ook niet eens met de conclusie op pagina 12 van de kabinetsreactie op het WRR-rapport dat de islam niet strijdig is met democratie en mensenrechten. Het is vijf minuten voor twaalf. Als wij zo doorgaan, zal die verdergaande islamisering vroeg of laat het einde betekenen van de Westerse beschaving en de Neder- landse cultuur, zoals wij die nu kennen. Ik zal mijn bijdrage in eerste termijn dan ook willen eindigen met een persoonlijk beroep op de minister-president. Ik doe dat persoonlijke beroep op de minister-president namens heel veel Nederlanders. Stop de islamisering van Nederland. Er rust een historische taak op uw schouders, mijnheer Balkenende. Wees moedig. Doe waar veel Nederlanders om schreeuwen. Doe wat Nederland nodig heeft. Stop de immigratie uit moslimlanden. Sta geen enkele nieuwe moskee meer toe. Sluit de islamitische scholen. Verbied de boerka. Verbied de Koran. Zet criminele moslims, zoals die Marokkaanse straat- terroristen waar mensen in het land echt knettergek van worden, nu een keer het land uit. Neem uw verantwoor- delijkheid. Stop de islamisering. Genoeg is genoeg, mijnheer Balkenende. Genoeg is genoeg. Ik heb zelden zoveel onzin bij elkaar gehoord. Natuurlijk hebben die problemen met religie te maken en ook cultuur heeft met religie te maken. De minister spreekt van Marokkaanse jongeren. Ik spreek van straatterroristen. Als zij thuiskomen en horen hoe er over homo’s wordt gedacht, gaan zij de straat op met dat beeld in het hoofd. Dat is precies de traditie, gebaseerd op de islam en op de Koran, die wij in Nederland nooit en te nimmer mogen koesteren. De minister heeft eerder een interview gegeven in het dagblad Trouw. Toen werd de vraag gesteld of wij ooit zullen zeggen dat Nederland een land is van joods- christelijke en islamitische tradities. Zij heeft daarop geantwoord dat zij zich dat kan voorstellen, al zullen daar wel een paar eeuwen overheen gaan. Ik wil van de minister horen dat zij zich daartegen verzet, dat zij ervoor zorgt dat de islamisering in Nederland geen doorgang vindt, dat er een immigratiestop komt, dat er geen moskeeën meer bij komen en dat de boerka wordt verboden. Is de minister bereid om haar woorden terug te nemen, of staat zij nog steeds achter haar uitspraak? Ik vind het prettig als de minister nu ingaat op mijn concrete voorbeeld. Dat is niet waar. Jonge Marok- kaanse straatterroristen zeggen helemaal niet dat zij er door religie toe worden gedreven. Dat is echter wel het geval. Waarom gaat het altijd om Marokkaanse jongeren en niet om Duitse of Engelse jongeren? Heeft de minister daar over nagedacht? Het gaat om Marokkaanse jongeren omdat die thuis in hun islamitische cultuur horen dat homo’s minder waard zijn dan varkens. In iets andere woorden staat dat in de Koran. Dat is dus geen toeval. Daar is sprake van een verband. Daarover verschillen wij helaas van mening. Dat hoort gelukkig ook in dit huis thuis. Mijn stelling is dat de minister zich moet verzetten tegen de islamisering van Nederland. Er mag nooit ook maar een millimeter islamitische traditie ontstaan. Niet nu, niet over honderd jaar en niet over duizend jaar. Neemt de minister haar woorden terug of niet? De minister heeft mij dat inderdaad deze week schriftelijk geantwoord. Ik dacht: laat ik het nog een keer proberen en haar nog een kans geven om van gedachten te veranderen. Dat doet zij helaas niet. Zij zegt niet alleen dat zij die woorden niet terugneemt en dat de joods-christelijke wortels van onze traditie blijven bestaan, maar ook dat zij voorziet dat er na een aantal eeuwen een ontwikkeling plaatsvindt waarbij de islamitische traditie ook onderdeel wordt van het totaal. Precies, en de minister blijft erbij dat Nederland over een aantal eeuwen een joods- christelijk-islamitische traditie zou kunnen hebben. Ik vind dat een verschrikkelijke opmerking. Ik vind dat zij daarmee de joods-christelijke cultuur van Nederland te grabbel gooit. Zij heeft al uit mijn betoog kunnen afleiden dat ik vind dat de islam een religie, een ideologie is die niet op deze manier in Nederland thuishoort en al helemaal niet deel van onze traditie moet worden. Het siert de minister dat zij het gewoon eerlijk zegt, maar ik kan niet anders dan het vertrouwen in haar opzeggen. Mevrouw de voorzitter. Ik houd het kort, maar wil toch zeggen dat het vooral zalvende betoog van de regering voor mijn fractie getuigt van een enorme naïviteit. Als wij allemaal lief zijn voor elkaar, verbindingen leggen, buurten opknappen en voldoende stageplekken realiseren, komt het allemaal wel goed in Nederland. Op de planeet aarde, en dus ook in Neder- land, ziet de werkelijkheid er echter vaak anders uit. Het is teleurstellend dat vooral de minister-president mijn oproep om te komen tot wat heel veel mensen in Nederland willen, het tegengaan van de islamisering van het land, niet overnam. Hij heeft dat onder het tapijt geveegd. Hij heeft een totaal gebrek aan gevoel voor urgentie en weet volgens mij ook niet wat er in het land speelt. Het is triest. Ik heb een drietal moties. De eerste gaat over het tegengaan van de islamisering van Nederland. Motie De Kamer, gehoord de beraadslaging, overwegende dat er te veel islam in ons land is en dat de islamisering van Nederland gestopt moet worden; verzoekt de regering, een immigratiestop in te voeren voor migranten uit moslimlanden, geen nieuwe moskeeën meer toe te staan, alle islamitische scholen te sluiten, de boerka te verbieden en criminele moslims – indien nodig na denaturalisatie – het land uit te zetten, en gaat over tot de orde van de dag. Mevrouw de voorzitter. De tweede motie gaat over het verbieden van de Koran. Ik zal niet al mijn argumenten herhalen, maar zij komen erop neer dat de Koran niet alleen een verschrikkelijk boek is, maar ook in strijd is met alles waar wij achter staan. De Koran is in strijd met onze democratische rechtsstaat. Wij vergroten onze vrijheid van godsdienst en onze vrijheid in het algemeen door een boek te verbieden dat diezelfde vrijheid verbiedt. Daarin staat immers dat mensen niet eens van het geloof mogen afwijken. Als je een boek verbiedt waarin staat dat de mensen geen gebruik mogen maken van de vrijheid van godsdienst, is het evident dat je die vrijheid vergroot. Daarom de volgende motie. Motie De Kamer, gehoord de beraadslaging, overwegende dat de Koran moslims oproept, niet- moslims te bestrijden, te mishandelen en te doden; overwegende dat het verspreiden van een opruiend geschrift op grond van artikel 132 van het Wetboek van Strafrecht strafbaar is gesteld; overwegende dat het openbaar maken van een geschrift dat aanzet tot haat of gewelddadig optreden op grond van artikel 137e van het Wetboek van Strafrecht strafbaar is gesteld; overwegende dat de Koran strijdig is met de rechtsorde en de democratische rechtsstaat; verzoekt de regering, de Koran te verbieden, en gaat over tot de orde van de dag. In een interruptiedebat heb ik al met mevrouw Vogelaar, de minister voor Wonen, Wijken en Integratie, woorden gewisseld over haar opmerking dat Nederland in de toekomst een joods-christelijk- islamitische traditie zal kennen. Helaas heeft zij daarbij gepersisteerd. Ik heb haar eerlijk gezegd dat ik dat een vorm van verraad aan onze cultuur en aan veel Nederlanders die het daar hartgrondig mee oneens zijn vind. Mijn fractie kan helaas niet anders dan een motie indienen waarin het vertrouwen in de minister wordt opgezegd. Motie De Kamer, gehoord de beraadslaging, overwegende dat de minister voor Wonen, Wijken en Integratie op het standpunt staat dat Nederland in de toekomst een joods-christelijk-islamitische traditie zal kennen; overwegende dat zij behulpzaam wil zijn bij het wortelen van de islam in Nederland; van mening dat Nederland nooit ofte nimmer een islamitische traditie mag kennen; zegt het vertrouwen in de minister van Wonen, Wijken en Integratie op, en gaat over tot de orde van de dag. Ik gun u nog veel meer van deze mooie momenten, dus als het nodig is, doen wij het keurig een voor een. Wij doen het nu naar aanleiding van de verschrikkelijke uitspraak van minister Vogelaar. Ik heb haar daarop aangesproken en zij persisteert bij die uitspraak. Ik vind dan ook dat deze minister haar biezen moet pakken. "